Home | Nieuws | Je eerste zoen in Uden

Je eerste zoen in Uden

Woensdag 31 Januari 2018

Hoe maken we het leven in Uden, Volkel en Odiliapeel nog beter? Hoe moet onze gemeente er in de toekomst uitzien? Dat zijn de vragen waar het om draait in de politiek. Gek eigenlijk dat de antwoorden vooral opgehaald worden bij mensen van middelbare leeftijd. Natuurlijk, zij hebben de ervaring. Maar wie kan ons beter vertellen wat we de komende jaren nodig hebben dan de jeugd? 

Luisteren naar de jeugd is iets wat veel te weinig gebeurt. Als VVD-Leefbaar Uden hebben we daarom stevig ingezet op verjonging. En met succes. Ik vertelde eerder al dat de jongste op onze kieslijst pas 16 is. Natuurlijk kan ze nog veel leren. Maar ik geloof vooral dat ze ons heel veel kan brengen, samen met al die andere jongeren die zich inzetten voor onze partij.  

Jongeren brengen nieuwe ideeën, verandering, een frisse wind. Niet alleen in de politiek, maar overal. Loop maar eens binnen in D'n Office en De Ideeënfabriek, plekken waar veel jonge ondernemers samenwerken. Hier gebeurt wat, dat voel je. Ook op woongebied is ons er alles aan gelegen om jongeren in Uden te houden. De afgelopen jaren hebben we ons - met succes - hard gemaakt voor het behoud van de starterslening. Dit blijven we doen. 

Jongeren in Uden houden, het gaat helemaal niet zo verkeerd. Behalve op één punt: tijdens het uitgaan. Ik heb het dan over de doelgroep van 12 tot 18 jaar. In het weekend trekken ze massaal Uden uit, naar onder meer Zeeland, Boekel en Gemert. Om het stappen te ontdekken, met alles wat daarbij hoort. Vreemd toch, dat een gemeente met 42.000 inwoners deze groep zo weinig te bieden heeft? Dit thema hebben we als VVD-Leefbaar Uden dan ook hoog op de agenda staan. Welke voorzieningen er moeten komen? Het zou vreemd zijn als ik dat ga bedenken. Maar ik weet zeker dat Compass, andere culturele instellingen, ondernemers en natuurlijk de jongeren zelf daar een antwoord op hebben. We weten waar we het voor doen. Want zeg nou zelf: je eerste zoen in Uden, dat gun je toch iedereen? 

Maarten Prinssen